Visueel-motorisch therapie
Bij diagnostisch onderzoek met betrekking tot de motorische ontwikkeling onderscheiden we grote en kleine motoriek. Met name die kleine motoriek, ook wel fijne motoriek genoemd, speelt bij het leren een grote rol. De functie van onze vingers, onze tong, onze lippen, onze trommelvliezen met de daarvan afhankelijk zijnde gehoorsbeentjes en onze ogen zijn van groot belang voor het opnemen van informatie. De ontwikkeling van onze vingers kan bij een geconstateerde ontwikkelingsachterstand in de meeste gevallen verholpen worden door een gericht trainingsprogramma bij de kinderfysiotherapeut of motorisch remedial teacher. De achterblijvende functie van de tong wordt door de logopedist verholpen, zodat de articulatie weer op niveau is en de taalontwikkeling hierdoor niet verder gestagneerd wordt. Voor de gehoorsfunctie zijn wij goeddeels afhankelijk van onze eigen lichamelijke gesteldheid. De KNO-arts kan in voorkomende gevallen functieverlies beperken of verhelpen, maar de functie van onze trommelvliezen is niet trainbaar zoals onze vingers, tong en lippen.
Maar hoe zit dat nu met onze ogen?
Onderzoek heeft uitgewezen, dat onze ogen de meeste zenuwcellen binnen ons lichaam herbergen. Onze hersenen niet meegerekend, vragen onze ogen de meeste energie in ons functioneren. De oogarts bewaakt de gezondheid van onze ogen. de constitutie van onze ogen en dan met name het vermogen tot scherpstellen. Gaat het hier mis, dan moeten we aan de bril of de contactlenzen. Op hogere leeftijd moet er soms ingegrepen worden vanwege staar.
Functie van onze ogen
|
Er is echter nog een element wat uiteindelijk een doorslaggevende rol speelt in ons functioneren met betrekking tot onze ogen, en dat is de zogenaamde "functionaliteit" : Hoe goed werken onze ogen samen? Die samenwerking bepaalt namelijk het verschil tussen kijken en zien. Iedereen met gezonde ogen kijkt, maar sommigen zien meer dan anderen. Hoe komt dat nu? Al tijdens de zwangerschap wordt het zenuwstelsel van het zogenaamde visuele systeem aangelegd. De omstandigheden waaronder dit gebeurt zijn al van groot belang voor het latere functioneren van de ogen. In aanleg kunnen er dus al zaken misgaan met als gevolg, dat het functioneren later negatief beïnvloed wordt. De gevolgen kunnen vormen aannemen die we nooit hadden kunnen voorspellen zonder uitgebreid onderzoek. |
|
De rol van onze ogen bij het lezen en schrijven
Het spreekt voor zich, dat onze ogen gezond moeten zijn om te kunnen lezen. Afwijkingen bij het scherp zien kunnen verholpen worden door een bril of contactlenzen. Onze ogen moeten echter ook nog motorisch goed ontwikkeld zijn. Tijdens het lezen moeten onze ogen namelijk "sprongetjes" maken over de woorden of woordclusters binnen de zinnen. Als deze sprongetjes vanwege een slechte motoriek moeilijk te maken zijn, heeft dit dus gevolgen voor de kwaliteit van het lezen, maar ook bij de controlerende functie van de ogen bij het schrijven. Ervaring heeft geleerd, dat kinderen die kampten met een achterblijvende leesontwikkeling en vervolgens werden ingedeeld bij de zo mogelijk dyslectische kinderen, in bepaalde gevallen heel veel baat hadden bij een goede begeleiding door een visueel-motorisch therapeut, waardoor hun leesproblemen veel minder ernstig bleken te zijn dan werd voorzien. Menig vermeend dyslectisch kind kon door gerichte therapie gespaard blijven van een moeizame gang door de geletterde wereld.
Onderzoek
Het onderzoek van het visueel-motorisch systeem behelst een aantal elementen, welke van belang zijn om in kaart te brengen. Als dit gebeurd is, zijn verbanden te leggen met ontwikkelingsgebieden, beter gezegd "het leren". Er kan mogelijk een oorzaak worden aangewezen voor de achterblijvende prestaties op allerlei gebieden. Een eerste onderzoek of visueel-motorische screening kan gedaan worden door een visueel-motorisch therapeut van het O.E.P., terwijl een groot visueel-motorisch onderzoek gedaan kan worden door een optoloog of functioneel optometrist. Met de uitslag van het onderzoek kan de visueel-motorisch therapeut een behandelplan opstellen en in samenwerking met de optoloog en de ouders dit behandelplan ten uitvoer brengen. De school kan in voorkomende gevallen rekening houden met de visueel-motorische beperkingen van het kind, teneinde het kind op dat vlak niet te overvragen.
Willen is niet altijd kunnen
Iedereen wil leren.
Dit verschaft ons namelijk een positie in de maatschappij. Het bepaalt in
zekere zin ons aanzien voor onze omgeving. We worden er soms al te veel op
beoordeeld. Het bepaalt dus tot op zekere hoogte ons welbevinden in de
wereld.
Ieder kind wil leren.
Is het niet vanuit het kind zelf, dan is het wel vanwege de stuwende
invloed van opvoeders. Iedere ouder wil tenslotte z'n kind zien slagen en
iedere leerkracht wil z'n inspanningen graag terug kunnen zien in de
toetsresultaten. Waar doen we het anders allemaal voor? Zo wil ook ieder
kind leren lezen.
Ieder kind wil lezen.
Als het dan niet verloopt zoals de ouders gewenst hadden en de leerkracht
gedacht had, dan is de vraag: wil of kan het kind niet? De optoloog of
visueel-motorisch therapeut kan dan iets voor hem of haar doen.
Lezen
|
Kunnen lezen is een geweldige ervaring. Iedere leerkracht van groep 3 en iedere ouder van een goed functionerend kind in groep 3 zal u daar uitgebreid over kunnen en willen vertellen. Als leerkracht ga je keer op keer weer mee in die mega-ervaring bij het aanvankelijk leesproces in je groep en als ouder kan je in verwondering toezien hoe "de leessleutel tot de wereld" wordt verworven. Lezen is namelijk een verwervingsproces en ook voor het kind onder gunstige omstandigheden (geen dyslexie!) een succeservaring wat het zelfbeeld van het kind alleen maar kan versterken. |
Lezen stelt ons in staat om:
- in onze gedachten naar de mooiste plaatsen en landen op aarde te reizen
- nieuwe dingen te leren en meer te weten over alles om ons heen
- samen met onze favoriete personages: Sneeuwwitje, Jip en Janneke de meest fantastische avonturen te beleven.
- lezen niet leuk vindt
- achterblijft in het lees- en leerproces
- vlug moe wordt
- concentratieproblemen heeft
- niet naar zijn of haar mogelijkheden presteert
Een optoloog of visueel-motorisch therapeut kan u op dit gebied een antwoord geven op de door u gestelde vragen. Door hun jarenlange ervaring kunnen zij u een antwoord geven op uw vragen aangaande het functioneren van uw kind op dit terrein van de visueel-motorische ontwikkeling. Ouders en leerkrachten denken vaak niet aan deze mogelijkheid, want de ogen van het kind zijn vaak al eerder getest en toen was er niets bijzonders aan de hand. Bij de standaard ogentesten wordt echter meestal alleen maar onderzocht of de ogen gezond zijn en de gezichtsscherpte veraf normaal is. Dat is zondermeer belangrijk, maar er zijn nog veel meer visuele vaardigheden die nodig zijn om goed te kunnen lezen en leren. Een optoloog heeft zich gespecialiseerd in het doen van speciale uitgebreide oogmetingen om na te kunnen gaan of het zien zich naar verwachting ontwikkelt. Daartoe meet hij met behulp van een zogenaamde "21 puntentest" het niveau van de visuele vaardigheden.
Belangrijke visuele vaardigheden bij het leren lezen en schrijven en alle andere leervaardigheden zijn:
- Scherpstelling
- Om gedurende langere tijd op lees- en schrijfafstand scherp te kunnen zien en om snel te kunnen wisselen van veraf naar dichtbij en andersom (overschrijven van het bord)
- Oogvolgbewegingen
- Om woorden in een regel vlot te kunnen volgen zonder ze te veranderen over te slaan en zodoende te weten wat er staat. Om van het einde van de ene regel naar het begin van de volgende regel te kunnen kijken zonder een regel over te slaan of dezelfde opnieuw te lezen
- Oogsamenwerking
- Om rustig en enkelvoudig te zien met zo weinig mogelijk inspanning. Om goed een afstand te kunnen inschatten
- Oog-handcoördinatie
- Om netjes op de regels te schrijven in een leesbaar handschrift
- Visualisatie
- Voor een goed woordbeeld en om zodoende foutloos te kunnen schrijven met een dictee. Om je een voorstelling te kunnen maken van wat je leest (begrip van de tekst)
- Visueel geheugen
- Om te onthouden wat je gezien hebt, zonder steeds opnieuw te hoeven kijken.
Blijken deze visuele vaardigheden onvoldoende soepel te zijn, dan kan dit
leiden tot:
- onnodig energieverlies en vermoeidheid
- hoofdpijnklachten
- concentratieverlies
- een slechte lees- en/of schrijfhouding
- wazig zien
- geïrriteerde ogen
- overmatig gebruik van een vinger om bij te wijzen bij het lezen.
De optoloog of visueel-motorisch therapeut kan u hierin adviseren. Vergeet niet:
"Om te leren en te leren lezen moet je zien en zien moet je soms leren !"
Een informatiefolder van onze praktijk met de actuele informatie kunt u
bestellen per e-mail, fax of telefoon.
Informatie aangaande het Optologisch Orthokeratologisch Genootschap kunt u
inwinnen bij:
OOG
Overlanderstraat 463
1445 CN Purmerend
Telefoon: 0299-646916
ocp@optologie.nl
Als u informatie wilt inwinnen aangaande optologie / functionele optometrie kunt u zich in verbinding stellen met :
Optometrisch Centrum Ridderkerk
Ridderhof 58
2981 ET Ridderkerk
Tel.: 0180-433911
rhoctinboes@hotmail.com

